Veel koorleden van de HOV zullen het wel herkennen: er zijn momenten waarvan je zegt: die hebben een doorslaggevende rol bij je eigen muzikale vorming. Bij mij is zo’n moment de ontmoeting geweest met Frans Brüggen in de zaal en artiestenfoyer van Vredenburg in Utrecht. Het moet in 1982 of 1983 geweest zijn. De muziek die het Orkest van de 18e Eeuw maakte was al fameus. Op het nieuwe medium de cd klonk het orkest onder Brüggen, fris en gefraseerd. Ik kocht er een tiental van….
Met vrienden kreeg ik de mogelijk om na een lange werkdag met z’n vijven naar Vredenburg te rijden om daar een Beethoven en Haydn concert van Frans Brüggen met zijn nieuwe orkest eens live mee te mogen maken. Vredenburg met zijn hoekige vormen was natuurlijk al een bijzondere zaal. We zaten eerste rang en de afstand tot dirigent en orkest was zeer beperkt. Frans Brüggen kwam op. Tenger, lichtelijk gebogen. Daar was de bekende grote haarlok die ik van de foto’s op de cd-hoesjes wel kende.
Dirigeren leek voor Brüggen iets ongewoons. Hij stond daar op de bok, zonder baton. Niet als soevereine baas, maar eerder als bijna angstige  blokfluitspeler die hij altijd gebleven is. Hoekig en voorover gebogen. Altijd blij en verrast als het orkest de klanken voortbracht die hij in zijn hoofd had. Dat orkest speelde subliem en liet zich op zijn beurt betoveren door Brüggen op de bok.



Het applaus duurde minuten lang. Frans Brüggen nam het enigszins verlegen in ontvangst. De spanning liet hem pas in het artiestenfoyer los. Als gasten van Vredenburg mochten we daar na afloop vertoeven. Brüggen verscheen er een brede lach en kon volop met gasten en musici praten. Misschien dat de ene na de andere Belgische Duvel daaraan bijdroeg. Wij hielden het op één Duveltje. Frans Brüggen kon daarin helaas wat minder de maat houden.
Midden in de nacht reden we weer terug naar Heerlen nog napratend over het concert en de manier van dirigeren van Frans Brüggen. Onvergetelijk.
Nico Zijlstra